Ik sta in een café te praten met een man waar ik een korte tijd verliefd op ben geweest. Hij babbelt er op los duidelijk van plan me te versieren. Duidelijk van plan om me vannacht me pleziertjes te geven. Ik weet dat hij me pleziertjes kan geven, ik ben niet voor niets verliefd op hem geweest. Het is een ontzettend leuke, sexy, mooie man. Precies het type man waar ik op val. Goed met vrouwen, iet wat arrogant, beetje zelfingenomen en een klein beetje een dramaqueen. Al is dat laatste minimaal bij deze man. Ik herinner me dat deze man op dezelfde manier mij liet zitten als de man die mijn hartje brak. Hij liet opeens niets meer van zich horen. Ik voel me kwaad worden.
Ontzettend kwaad. Voor het eerst ben ik kwaad op alle mooie mannen in de wereld. Ik maak het groter. Ik ben kwaad op alle mannen ter wereld. Iedere man op de wereld wil ik het liefst pijnigen. Het allerliefste martelen. Als het mogelijk is zou ik iedere man op de aarde een gebroken hart geven. Ik zou bij sommigen het hart met een precisie van een hartchirurg door midden snijden. Bij sommigen zou ik het harder aan pakken. Ik zou op de harten stampen, ze laten ontploffen, ermee voetballen, ermee spelen. Het zijn zwarte gedachtes. Het past niet bij mijn vredelievende kijk op de wereld. Ik predik liefde. Ik predik vrede.
Ik wordt niet snel boos. Mij boos krijgen is een kunst. Al lijk ik opvliegend, mij kwaad krijgen is niet iets dat snel gedaan is. Maar eindelijk, eindelijk voel ik een ontzettende drang naar woede. Woede om wat me is aan gedaan. Wraak! De wraaklust is bijna onbeheersbaar.
Mijn hart is gebroken. Dat doet pijn. Het is een intense pijn die me regelmatig tot wanhoop drijft. Die me verward en me laat lijden. Wat ik ook doe, wat ik ook probeer iedere keer komt de pijn weer terug. De pijn en het gemis. Eindelijk ben ik er kwaad om en schreeuwt er iets in me om wraak.
De man in het cafe is me nog steeds aan het versieren. Ik begin er plezier in te krijgen. Hij was niet degene die mijn hart brak. Hij is een leuke bevlieging geweest waar ik tevreden op terug kijk. Ik ga wat op zijn geflirt in. Ik speel wat mee. Zonder enige intentie, zonder enig gevoel, zonder enig idee. Ik laat hem me thuis afzetten. Ik neem geen wraak, wel afscheid. Ik kus hem vaarwel en ben tevreden. Ik ga in mijn eentje naar binnen en ben als een kind zo blij om mijn liefste te zien. Mijn katje, mijn sletje. Ik geef haar duizend kusjes.
Ik ben de man in het cafe dankbaar. Dankbaar dat ik eindelijk kwaad ben. Eindelijk! Al had hij hele andere bedoelingen, hij heeft me het plezier van wraaklustige plannetjes bedenken gegeven. Daarvoor ben ik dankbaar. Al weet ik dat vuur niet te bestrijden is met vuur. Een gebroken hart heeft dan ook niets aan wraak. Een liefdevol persoon heeft niets aan woede. Maar af en toe is het heerlijk om met je voeten op de grond te stampen. Een ruit in te gooien en wraak te nemen om voor even het gevoel te hebben dat je onoverwinnelijk voor jezelf op komt.
Helaas past het niet bij mij, maar wie weet kom ik in de loop van de tijd met een fantastisch plan!
En ach, anders dromen we toch nog even verder.
Steekwoord:
Delen
Facebook
Je moet lid zijn van Cafe de Liefde om reacties te kunnen toevoegen!
Join Cafe de Liefde